
Bron 6. Kaart met de kruisvaardersstaten zoals deze waren te vinden na de Eerste Kruistocht.
In 1095 werd Constantinopel, de hoofdstad van het Oost-Romeinse Rijk (het Byzantijnse Rijk), bedreigd door moslims. De Byzantijnse keizer Alexios I vroeg de paus om hulp. Terwijl de Investituurstrijd in volle gang was, riep paus Urbanus II edelen op om de hoofdstad van het Byzantijnse Rijk van de ondergang te redden. Daarnaast moest ‘het heilige land op de ongelovigen worden veroverd’. Jeruzalem was voor christenen bijzonder belangrijk, omdat het de stad was waar Jezus Christus had geleefd, gestorven en was opgestaan. Wellicht wilde de paus met zijn oproep tot een militaire expeditie laten zien dat zijn geestelijke macht boven de wereldlijke macht van edelen en vorsten ging.
De Eerste KruistochtMilitaire tocht van Europese christenen – edelen, geestelijken en boeren – naar het Heilige Land. (1096-1099) werd een succes. Christelijke legers, bestaande uit boeren en ridders, veroverden grote gebieden in het huidige Turkije, Syrië en Israël. In 1099 volgde ook Jeruzalem, de stad waar Jezus Christus was gekruisigd. Door deze successen werd de invloed van de christelijke wereld uitgebreid buiten Europa. De kruisvaardersstatenDoor Europese christenen veroverd gebied in het huidige Turkije, Syrië en Israël in de 11e t/m de 13e eeuw. waren het gevolg van deze Europese expansieUitbreiding.. In deze staten vormden Europese edelen een kleine toplaag boven de inheemse moslims en oosterse christenen. Deze edelen namen vaak gebruiken over van hun oosterse buren, die ook hun handelspartners waren of dienaren.
Waar de Eerste Kruistocht een succes was, daar waren de acht daaropvolgende kruistochten minder succesvol. Zij waren bedoeld om nieuwe gebieden te veroveren, verloren gebieden te heroveren of veroverde gebieden te behouden. Zo was de Derde Kruistocht (1189-1192) het gevolg van de herovering van Jeruzalem door de Koerdische generaal Saladin. Na 1291 was het gedaan met de Europese invloed in het oosten.
Het begrip kruistochten werd door middeleeuwers breder opgevat dan alleen de tochten naar het Midden-Oosten. Zij verstonden daar ook onder de expedities tegen moslims gericht op de herovering van Spanje (reconquista). Ook tegen de heidense Slavische volken en Joden wonend in Noordoost-Europa werden kruistochten georganiseerd. Kruistochten waren dus niet alleen religieus gemotiveerd, maar ook politiek en economisch: edelen hoopten op macht, land en buit.