Kenmerkende aspecten tijdvak 1: jagers en boeren

Kenmerkende aspecten

1. De leefwijze van jagers en verzamelaars.

2. Het ontstaan van landbouw en landbouw-samenlevingen.

3. Het ontstaan van de eerste stedelijke gemeenschappen.

Hoofdvragen
  • Hoe leefden de eerste mensen?
  • Waardoor kon de landbouw en de eerste landbouwsamenlevingen ontstaan?
  • Waardoor ontstonden de eerste steden en stedelijke samenlevingen?

1. De leefwijze van jagers en verzamelaars

Leerdoelen
  • Kan aangeven wat bedoeld wordt met nomaden en prehistorie.
  • Kent vier kenmerken van de levenswijze van jagers en verzamelaars.
  • Kan uitleggen van welke soort bronnen historici vooral afhankelijk zijn voor onze kennis over jagers en verzamelaars in de prehistorie.

Bron 1. Grotschildering in de grotten van Lascaux, gelegen in het huidige Frankrijk.

De rotstekening hiernaast (bron 1) is omstreeks 5000 aangebracht in een grot in de buurt van het Franse dorpje Lascaux. Op de grotschildering zie je een verscheidenheid van dieren waarop de eerste mens jaagde. Deze eerste mensen leefden van het voedsel wat zij jaagden en de planten die zij verzamelden. Zij waren nomaden die voor hun onderkomen gebruik maakten van grotten en eenvoudige hutten die gemaakt werden van hout en dierlijkmateriaal.

Jagen en verzamelen kostte veel tijd, vandaar dat de eerste mens waarschijnlijk voortdurend hiermee bezig was. De nomadische gemeenschappen waren klein, vanwege de beperkte hoeveelheid voedsel dat beschikbaar was. Daarnaast hadden deze eerste mensen weinig bezittingen, omdat ze rondreisden. Deze bezittingen waren met eenvoudige werktuigen gemaakt.

Bijna alles wat historici weten van deze nomadische volken, komt uit onderzoek van materiële bronnen. Deze eerste volken kenden geen schrift, vandaar dat historici de periode van jagers en verzamelaars de prehistorie noemen. Wanneer de prehistorie eindigt, verschilt per volk.

2. Het ontstaan van landbouw en landbouwsamenlevingen

Leerdoelen
  • Kan aangeven wat bedoeld wordt met landbouw, landbouwrevolutie en landbouwsamenleving.
  • Kan aangeven wanneer en in welk gebied in het Midden-Oosten de landbouwrevolutie plaatsvond.
  • Kan de ingrijpende gevolgen van de landbouwrevolutie benoemen voor de leefwijze van de eerste mensen.

Bron 2. De vruchtbare sikkel waar de meeste rivierdalen gebruikt werden voor de landbouw.

Tien- tot twaalfduizend jaar geleden vond in het Midden-Oosten (bron 2) een ingrijpende verandering plaats: de landbouwrevolutie, ook wel neolithische revolutie genoemd. Deze verandering vond niet van de een op de andere dag plaats, maar verliep geleidelijk. Vandaar dat de eerste boeren naast de landbouw ook nog op jacht gingen en eetbare planten verzamelden. De eerste boeren zochten naar plekken waar planten snel groeiden. Vaak waren dat vruchtbare rivierdalen. Op die plek maakten zij de grond gereed voor het verbouwen van gewassen en het houden van getemde dieren.

Een ander kenmerk van landbouwsamenlevingen was dat mensen op een vaste plaats bleven wonen. Vrouwen konden daardoor meer kinderen krijgen, aangezien zij eerst beperkt werden; je kon immers maar één kind tegelijk dragen. De groepen waren groter dan die van de Jagers en verzamelaars. Daarnaast ontstonden er sociale verschillen tussen mensen. Boeren die meer verbouwden dan zij zelf opaten, betaalden andere mensen uit in voedsel om voor hen te werken. Bovendien betekende zo’n overschot aan goederen dat boeren in sommige seizoenen tijd overhielden, dat konden ze besteden aan zaken die niet direct met hun levensonderhoud te maken hadden.

Onze kennis over deze eerste landbouwsamenlevingen komt meestal uit materiële bronnen, soms aangevuld met teksten geschreven door tijdsgenoten.

3. Het ontstaan van de eerste stedelijke gemeenschappen

Leerdoelen
  • Kan aangeven welk verband er bestaat tussen succesvolle irrigatielandbouw en het ontstaan van de eerste stedelijke gemeenschappen in Mesopotamië.
  • Kan veranderingen noemen die gepaard gingen met het ontstaan van de eerste stedelijke gemeenschappen.
  • Kan aangeven wanneer in de eerste stedelijke samenlevingen in Mesopotamië een schrift werd ontwikkeld.
  • Kan aangeven waardoor juist in een stedelijke gemeenschap behoefte bestond aan een schrift.

Jaarlijks overstroomden de rivieren in de vruchtbare rivierdalen van Mesopotamië (het huidige Irak) en Egypte en lieten vruchtbare grond achter om op te verbouwen en voorzag de akkers van voldoende water om de gewassen te laten groeien. Daarnaast werd irrigatie gebruikt om akkers van voldoende water te voorzien. Hierdoor ontstond een voedseloverschot. Dat bood ruimte voor economische specialisatie in deze gemeenschappen: arbeidsdifferentiatie. De mensen die niet meer direct afhankelijk waren van de landbouw, gingen samenwonen op plekken die makkelijk toegankelijk waren. Hieruit ontstonden de eerste stedelijke gemeenschappen.

Deze eerste stedelijke centra hadden nog geen marktfunctie, want er was ook geen geld. Producten werden door boeren in pakhuizen opgeslagen om vervolgens geruild te worden met de niet-producerende lagen van de bevolking. De eerste steden bestonden vooral uit tempelcomplexen en bestuursgebouwen.

Bron 3. Reconstructie van de stad Oer. Je ziet dat de eerste steden grotendeels uit administratieve en tempelcomplexen bestond, met daar omheen graanvelden om de inwoners van de steden te voeden.
Bron 4. Een Babylonische kleitablet met daarop het spijkerschrift zoals deze voor het eerst ontwikkeld was in het zuidelijke deel van Mesopotamië.
Bron 5. Om de stad en daarmee de waterhuishouding beter te kunnen besturen liet koning Hammurabi van Babylon een 'wetboek' opstellen met daarin universele wetten. Zo wist iedereen waar hij zich aan moest houden. Dit was makkelijker dan mensen aanspreken op ongewenst gedrag, aangezien de anonimiteit groter was geworden in de steden.

Om het water eerlijk over een gebied te verdelen, moest de waterhuishouding goed georganiseerd worden. Mede daardoor ontstond een gelaagde samenleving met een koning leidinggaf aan priesters, ambtenaren, soldaten, ambachtslieden en handelaren.

In zo’n gelaagde samenleving was het noodzakelijk een administratie bij te houden van voedselvoorraden. Men moest bij kunnen houden hoeveel achteruit werd gehouden voor het volgende zaaiseizoen en hoeveel er geconsumeerd kon worden. Daarvoor werd rond 3300 v.C. in Mesopotamië een schrift ontwikkeld (bron 4) en kwam er voor deze gemeenschap een einde aan de prehistorie.

Literatuur

Geschiedenis Havo/Vwo, Syllabus Centraal examen 2017, Domein A en B van het Examenprogramma.

Wilsum, W.P. van. Tijd van jagers en boeren tot 3000 voor Christus Prehistorie. Peize, 2016.

Login om aantekeningen te kunnen maken
  Subscribe  
Abonneren op